29 december 2006

Rotterdam werkt aan herstel ethnisch-cultureel evenwicht

Overgenomen uit: e-urban Journal, samedi, décembre 23, 2006 at 00:25
Huib Riethof, e-urban administrator in: Immigration [All], Community Development [All], Trends: Nederland en België, [NL], Rotterdam

Rotterdam, december 2006. Een nieuw College van B&W is sinds 8 maanden in functie, met de PvdA als grootste partij en zonder de LPF van Marco Pastors.Een kleine matigende invloed op de eenzijdige "Rotterdam-Code" en ook op de uitwerking van het achterstands-wijk verbod aan (voornamelijk) immigranten (het werd tijdelijk, voor 1 jaar) was al wel waar te nemen, maar spectaculair was het allemaal niet.

(Ik schreef in het e-urban Journal eerder over Rotterdam: Rotterdam closes its social housing to poor immigrant families [EN] (4/2/06) en: Rotterdam mag tijdelijk discrimineren in 4 wijken [NL] (15.6.06) )

Van-nelle foto gem Rotterdam Cultuur.gifMijn indruk van "pas-op-de-plaats" werd nog versterkt tijdens de 1-daagse conferentie van 9 oktober 2006 in het Van Nelle Complex. De nieuwe linkse wethouder van Participatie, Orhan Kaya, van Turkse (Turks-Koerdische) afkomst, was misschien wel aanwezig, maar je hoorde of zag hem niet.

De bijeenkomst werd gedomineerd door de "oude" Rotterdamse configuratie: Op de eerste rij burgemeester Opstelten (VVD), die steeds meer op collega Dickerdack van Rommeldam gaat lijken, geflankeerd door (toen nog) minister van integratie en vreemdelingenbeleid, Rita Verdonk (ook VVD). Ter andere zijde bevond zich Eurocommissaris Franco Frattini (ook geen wonder van progressiviteit), maar die blijk gaf van een heel wat verlichter denkwijze dan van de beide eerder genoemden bekend is.

Frattini prees een Rotterdams initiatief om Europese steden te netwerken op het onderwerp "immigratie". Voor het gemak, uit naïveteit, of, wat ik hoop, uit superieure slimmigheid, interpreteerde hij dit steden-initiatief als een ondersteuning van zijn streven naar een rechtvaardige immigratiepolitiek en stelde voorzichtig een kader voor, waarbinnen het stedennetwerk, over de hoofden van terughoudender regeringen heen, zijn integratiepolitiek zouden kunnen steunen. Het blijft overigens de vraag, waarom Rotterdam niet gewoon meedoet met het bestaande Europese stedennetwerk over integratie, dat door de stad Stuttgart geleid wordt.

Op de conferentie hield ook Tariq Ramadan een bezielde inleiding, die op gelukkige wijze contrasteerde met wat minister Verdonk te berde bracht. Ramadan's boodschap aan de moslims in Europa is, dat ze zonder hun geloof los te laten, zich behoren aan te passen, zelfbewuster te zijn en een nieuwe geloofsbeleving introduceren, die harmoniseert met de Europese verworvenheden. Zijn boodschap aan de autochtonen is, dat ze hun vooroordelen zouden moeten laten vallen en (jonge) moslims accepteren zoals ze zijn. dat alles binnen het kader van de wet en van de Europese beschavings-verworvenheden.

Dat alles gaat natuurlijk velen boven de pet. Het is een intellectueel standpunt, dat botst met bij voorbeeld de uitwerking die Abu Jahjah uit Antwerpen eraan geeft. Maar Ramadan's intellectuele integriteit is zowel een nadeel als een winstpunt. Het nadeel is de grote abstractie. Het voordeel is het rolmodel dat hij belichaamt voor de beter opgeleide immigranten, die zo vaak de neiging hebben om onder te duiken in aanpassing en zich van het lot van hun minder opgeleide, dus maatschappelijk meestal minder geslaagde-, broeders en zusters, weinig aantrekken. In zekere zin is hetzelfde effect te verwachten op de "intellectuele" stokebranden in het columnistencircuit.

Het is dan ook een opmerkelijke stap vooruit te achten, dat de gemeente Rotterdam deze zelfde Tariq Ramadan nu heeft ingehuurd als bemiddelaar tussen de Rotterdammers, een rol die hij ook in Londen vervult. Ziehier de betreffende delen uit het NRC-bericht van 16 december 2006:

Overheid moet migranten vertrouwen

Controversiële intellectueel Tariq Ramadan gaat Rotterdamse integratiedebat leiden
Wetenschapper op de campus, bruggenbouwer in de stad. Islamoloog Tariq Ramadan gaat Rotterdam laten nadenken over identiteit en burgerschap.
Zelf spreekt hij consequent van een project, een project dat een voorbeeld kan zijn voor andere steden in Europa. Filosoof en islamoloog Tariq Ramadan gaat, op verzoek van de gemeente, in Rotterdam het publieke debat aanjagen over integratie. Tegelijk bezet hij als eerste hoogleraar de nieuwe wisselleerstoel Identiteit en Burgerschap aan de Erasmus Universiteit. De internationaal befaamde Ramadan werd gisteren in het stadhuis gepresenteerd door trotse vertegenwoordigers van gemeente en universiteit. De keuze voor Tariq Ramadan (Genève, 1962) is gewaagd. De van origine Egyptische denker bepleit actief burgerschap van moslims in Europa. Ze moeten zich, met behoud van hun identiteit, aanpassen aan de wetten van het land waar ze wonen. In Engeland, waar hij woont en doceert aan de universiteit van Oxford, is Ramadan adviseur van de regering. In Frankrijk en de Verenigde Staten is hij echter omstreden omdat hij de islamisering van Europa zou prediken. Een Amerikaans hoogleraarschap ging in 2004 niet door omdat de VS geen visum wilden verstrekken.

[...]

U kunt het integratiedebat in Europese landen vergelijken. Wat kenmerkt het Nederlandse debat?

Het debat is hier begonnen in een gespannen situatie, na de moord op Theo van Gogh. Er was sprake van een identiteitscrisis, vergelijkbaar met die in Engeland na de aanslagen in Londen. Het tolerante integratiebeleid kwam ter discussie te staan. Ik vind dat daarbij teveel wordt gekeken naar religieuze en culturele factoren en te weinig naar sociaal-economische factoren als werk en huisvesting. Veel zaken worden op één hoop gegooid. Ik hoop die verwarring tegen te gaan door dingen uit elkaar te trekken, te deconstrueren.

U kent de situatie in Rotterdam, u was vorig jaar bij het zogenoemde islamdebat. Wat heeft de vorige collegeperiode opgeleverd, met streng beleid ten aanzien van migranten?
Het heeft geleid tot een wederzijds gebrek aan vertrouwen tussen burgers en overheid. De lokale overheid wilde dingen veranderen, maar migranten zagen beleid dat tegen hen was gericht. De perceptie van burgers is heel belangrijk: hoe ervaren ze dingen? Daar gaat het ook mis bij de Franse jongeren: ze voelen zich niet serieus genomen als burgers.

Aan dat gebrek aan vertrouwen gaat bij veel allochtone Rotterdammers een gebrek aan participatie vooraf. Ze nemen niet deel aan de Nederlandse samenleving.
Dat is een vicieuze cirkel. Omdat ze niet deelnemen is er geen vertrouwen en omdat er geen vertrouwen is nemen ze niet deel. Er is sprake van zelf-segregatie die doorbroken moet worden.

Wethouder Orhan Kaya, degene die u heeft aangesteld, ligt onder vuur omdat hij zijn portefeuille participatie nog niet waarmaakt. Krijgt u wel genoeg steun van de gemeente?
Dit college heeft de politieke wil om dingen te veranderen, anders was ik hier niet. Rotterdam verwacht van mij geen oplossingen, wel dat ik mensen uitdaag om over belangrijke zaken na te denken.

De aanstelling van Ramadan in Rotterdam kan een verdere doorbraak betekenen in de uitzichtloze confrontatiepolitiek die de stad onder het vorige college begonnen is. Zoals Ramadan ook zegt, de eigenlijke problemen liggen op het sociaal-economische vlak.

Tot begrip van de Rotterdamse lijn moet dan ook dienen, dat de stad een economisch rampgebied is (in vele sectoren, met name die waar oude werkgelegenheid in industrie en haven verloren gaat). De ruimte, om tot minder gespannen verhoudingen te komen, is er dan ook klien, kleiner dan in Amsterdam of in Den Haag.

Betere voorlichting aan het Rotterdamse autochtone publiek en het opzetten van gezamenlijke (buurt-) verbeteringsactiviteiten moeten dan ook vooropstaan. Eén en ander kan alleen maar slagen, als ook economisch en sociaal meer ademruimte wordt gemaakt.

Article originally appeared on e-urban (http://e-urban.squarespace.com/).
See website for complete article licensing information.

22 november 2006

Olivier Roy: De ongemakkelijke menging van culturen


Vandaag, verkiezingsdag, in afwachting van de uitslagen, even een signalement van Olivier Roy, de "Roy" waarover ik het had in een voorgaande post over Hirsi Ali. Aanleiding is diens interview in De Groene Amsterdammer [€] (=betalende abonnee-website) van deze week.

Ik lerde het denken van Roy kennen uit "La Mondialisation de l'Islam" uit 2002, in het Nederlands vertaald als: De globalisering van de islam.
Het was een verademing in de stroom van neo-xenofobe literatuur enerzijds, en de 'ontkenningsliteratuur' van de in verdediging gedrongen multiculti's anderzijds.

Het betoog gaat uit van wat er concreet veranderde, hoe de menging van derde-wereld- en europese culturen bij verschillende bevolkingscomponenten angst- en regressie-reacties teweeg brengt . Bij marginale , maar luidruchtig groepen aan beide zijden leidt dat tot vormen van radicalisme die het wettelijke kader van de democratische natiestaat niet verdraagt.
Zoals ik hier wel vaker betoog, heeft dat weinig met godsdienst te maken. DE Groene-interviewer (Rutger van der Hoeven):
Hij pleit er dan ook al jaren voor om in onze benadering van moslims hun cultuur en religie te scheiden. Dat is ook een hoofdthema in Roy’s nieuwste boek, De islam en de scheiding van kerk en staat.
Waarom?
De twee basismodellen voor integratie, het Noord-Europese en het Franse, hebben beide even opzichtig gefaald. Het Noord-Europese model, van bijvoorbeeld Nederland, is het multiculturalisme, waarin minderheden worden aangemoedigd hun eigen cultuur te behouden. Het Franse model stoelt op assimilatie, waarna de immigrant gelijkwaardig burger is. Beide modellen zijn om dezelfde reden mislukt: ze hebben een cultuurprobleem verward met een strijd om religieuze vrijheid. Zowel in Nederland als in Frankrijk werd het maatschappelijke systeem in de jaren zestig en zeventig afgebroken. In Nederland was dat de verzuiling, in Frankrijk de eenheidscultuur die religie tot een privé-zaak maakte.’
Dat is dus de "verweesde samenleving", de samenleving van na '60/70, die haar vanzelfsprekende houvasten verloren had. Ik ben nooit zo'n fan geweest van deze fortuynse definitie. De knellende collectieve verbanden die in de jaren 60-70 werden verbroken, waren op dat moment al vrijwel betekenisloos geworden. Er kwamen nieuwe verbanden en identificaties voor in de plaats. Een bevolking die massaal voortgezet onderwijs volgde, die het wereldnieuws, de cultuur en het weten dagelijks thuisbezorgd krijgt via de televisie, hoeft zich niet meer op te sluiten in zuilen-verbanden (NL) of in nationaal alpinopet-conformisme (FR).

Nee, ook als zuilenverbanden en/of nationale identiteiten nog springlevend waren geweest, zou er een angstige reactie zijn opgetreden tegenover de drie ontwikkelingen die Roy terecht noemt:
  • De globalisering
  • de Europeanisering en
  • de immigratie van andere culturen.
Ze hebben alle gemeenschappelijk, dat ze "onze" ruimte binnendringen. Een heel instinctieve territoriumdrift verzet zich daartegen. Het is verbonden met "onveiligheid", onzekerheid. en ze liggen in elkaars verlengde: dat de ouderwetse winkels in de buurt verdwijnen, ligt in wezen aan globale ontwikkelingen: Albert Heijn en de Gamma-markt verdringen hen. Maar de bejaarde buurtbewoners zien Turkse groenteboeren en Marokkaanse theehuizen in hun plaats komen. En in plaats dat onze geseculariseerde leidslieden, de intellektuelen, deze mensen erop wijzen, hoe goed het is, dat de verdwenen winkels niet verkrot zijn, maar dat de immigranten de ruimtes een nieuwe functie hebben gegeven, huilen ze opportunistisch mee met de wolven in het bos en spreken van een islamitische tsunami.
Het verzet van de gewone mensen tegen commercialisering van de zorg, het wonen, het vervoer, de cultuur, de sport, de post, het water en het gas en de electra - wordt afgeleid naar de aanwezigheid van immigranten.
In plaats van via de Europese Unie dammen op te werpen tegen een wildgeworden kapitalisme en tegen de afbraak van de sociale welvaartsstaat (en de EU moet dat doen, want afzonderlijke nationale staten zijn daartoe niet meer in staat), wordt ook de EU zwartgemaakt, alles ten behoeve van een regressieve wending naar een imaginair collectief verleden.

Roy:
[..] de maatschappij ziet geslaagde immigranten die zich werkelijk omhoog hebben gewerkt ook niet. We richten ons in het integratiedebat op twee groepen: de criminele jongeren en de bebaarde, slecht Nederlands of Frans sprekende imams.

Daarom zie je overal ter wereld dat culturele gebruiken – inclusief religieuze – het meest rechtlijnig en verbeten in stand worden gehouden door minderheden. Het leidt vaak tot neofundamentalisme.

Tegen dergelijk neofundamentalisme is weinig te doen. Het komt voort uit culturele verwarring en is een onvermijdelijk bijproduct van mondialisering. Het is overigens ook niet beperkt tot moslims. De neofundamentalistische reactie op het verlies van identiteit zie je ook in het Westen. In de VS met de opkomst van religieus rechts, in Europa met allerlei pogingen onze cultuur en geschiedenis te bekrachtigen.’
En tenslotte:
Het is een universeel gegeven. Laten we die problemen beschouwen als wat ze zijn: als cultuurproblemen, niet als een botsing van wereldreligies. Het is jammer dat zo veel intellectuelen het die kant op trekken, en dezelfde taal uitstoten als de mensen in de cafés. Wat dat betreft, zie ik met betrekking tot integratie de toegevoegde waarde van intellectuelen niet meer.’
En daarmee hebben we de kern van de westerse cultuurcrisis te pakken: De economie en de technologie zijn zodanig veranderd, dat er geen behoefte meer bestaat aan massa's landbouwers en fabrieksarbeiders. Wat gaat het achter deze ontwikkelingen aanhuppelende sociale, ideologische bewustzijn ermee doen?

Het uitsluiten, het "abhängen" van hele bevolkingsgroepen, begint met de immigranten en zal zich doorzetten naar allen die het financieel niet meer rooien kunnen omdat er geen werk meer is. Hun huurwoning wordt hen afgenomen, hun gezondheidszorg gecommercialiseerd. En zoals de zogezegde "niet-integratie" van immigranten hun eigen schuld zou zijn, waarvoor ze maar moeten boeten, zo zal dat straks (nu al een beetje) gelden voor iedereen die geen werk heeft.

Het wanhopige radicalisme van gefrustreerde immigranten zal dan worden vermenigvuldigd met jacquerieën en bendevorming op het platteland en in de steden.
Als intellectuelen zich daarover zorgen maakten en in staat waren om door de sluiers en baarden heen te zien, af te zien van heksenjacht, dan zouden ze zich wel twee maal bedenken, voordat ze zich leenden voor de modieuze demagogie tegen "de" Islam!

19 november 2006

MIVD-Martelpraktijken: Oorsprong van het "lek" ...

Bij zo'n onthulling als vrijdag in De Volkskrant over de martelpraktijken van de MIVD in Irak, moet je je altijd afvragen:
  • Waarom dit?
  • Waarom nu?
  • Wie heeft welk belang bij het verwachte effect?

Wij vermoeden, dat het bericht over Irak door kringen rond de legertop in Den Haag in circulatie is gebracht, om minister Kamp via de politiek te dwingen, ofwel alsnog een strikte scheiding door te voeren met "Enduring Freedom", ofwel de hele Nederlandse Uruzgan-"opbouw"-operatie in deze vorm af te blazen. Tevens heeft de legertop er belang bij, opnieuw goede contrôle te krijgen over Nederlandse legeronderdelen die sinds 2004 onder Amerikaanse leiding betrokken zijn bij oorlogsmisdaden.

Hoe komen we tot dit brisante vermoeden?

Om de eerste twee vragen te beantwoorden, kennen we de feiten:

  1. Enkele feiten: De onthulling gaat om een Amerikaans-Brits geïnspireerde misdraging van de MIVD in Irak, waar de militaire politie, de Marechaussée dus, een signalement van afgaf. Dat gebeurde in de periode, dat het land (en zeker de militairen) in heftige diskussie verwikkeld waren over de vraag, of een officier die ten onrechte gericht een Irakese burger had neergeschoten, terecht onmiddellijk gevangen was genomen en in Nederland voor de krijgsraad gebracht. (november/december 2003). Justitie (en de Marechaussée) hebben indertijd bakzeil moeten halen in het geval van de officier. Dat betekent, dat sommige legeronderdelen dit waarschijnlijk hebben gezien als een "licence to kill", of althans, "to torture".
  2. Waarom NU? Het is vijf dagen voor de verkiezingen. dat kan al nauwelijks toeval zijn. Tevens, is de legertop verwikkeld in heftige diskussie in NATO-verband over de in Zuid-Afghanistan toe te passen methoden. Generaal Dick BERLIJN, de Nederlandse opperbevelhebber, heeft onlangs nog de volle laag gekregen van, zegt men, Britten en Canadezen, die vinden dat de Nederlandse aanpak te "soft" zou zijn. Ze willen actieve steun voor hun agressieve wijze van aanpak in Helmand en Kandahar en vrezen, dat het komende Nederlandse opperbevel van alle NATO-operaties in zuidelijk Afghanistan, zal leiden tot een verslapping van de aanpak van de "Taliban". - Waarom worden de Amerikaanse bondgenoten daarbij niet genoemd? Hun aanpak gaat nog veel verder op het punt van terroriseren van de bevolking. Achtergrond daarvan zou kunnen zijn, dat de Amerikanen weinig te klagen hebben, daar ze al sinds 2004 vrijelijk kunnen beschikken over de Commando-troepen die Nederland uitgezonden heeft. Die troepen zijn kennelijk verregaand onttrokken aan Nederlandse contrôle. Hun optreden in en rond Uruzgan maakt het onmogelijk aan het Nederlandse contingent in Tarin Kowt, dat met "opbouw" belast is, om zijn werk te doen. Erger nog, dit laatste 1.200 man sterke contingent dreigt in een Srebrenica-achtige positie te komen. De aanvoerlijnen zijn lang en uiterst fragiel. De troepen belast met de commando-operaties trekken zich niets aan van eerder gesloten overeenkomsten met groepen inwoners en zetten volop in met artillerie-beschietingen, gevechtshelicopters en provocatieve acties.

Als ik opperbevelhebber was, zou ik in het belang van mijn mensen, eisen van de politieke top, dat men duidelijk is:

  • Ofwel we sturen een expeditie die er vol tegenaan gaat en heffen de "sitting-duck"-situatie van Tarin Kowt zo snel mogelijk op,
  • ofwel we distantiëren ons van Amerikanen, Britten, Australiërs en Canadezen en gaan naar een gebied waar, naar Duits voorbeeld, betrekkelijk vreedzaam opbouwwerk gedaan kan worden in overleg met de Afghaanse regering.

Maar klaarblijkelijk heeft Kamp (en de regering) die duidelijkheid niet willen geven.

De onthulling zou dus heel goed in het verlengde van de Dick-Berlijn-aktie in het Brusselse NATO-hoofdkwartier kunnen liggen. Van de betrokken NATO-bondgenoten kreeg hij niet de ruimte om het tussen regering en parlement afgesproken beleid in Afghanistan uit te voeren. Integendeel - samen met de Duitsers, die weigeren uit hun opbouw-rol in Noord-Afghanistan te vallen *), wordt hij onderworpen aan steeds zwaardere druk om de uitzichtsloze terreur-taktiek mee te ondersteunen.

Zo kon de onthulling van vrijdag de gewenste duidelijkheid verschaffen:

  • De linkse opppositiepartijen kunnen het zich niet veroorloven, de kwestie binnenskamers af te handelen,
  • de minderheidsregering van CDA en VVD staat zwak, en,
  • zelfs als er geen verdergaande maatregelen worden genomen, zal het "onderzoek" waartoe de regering vrijdag besloot, de MIVD en de betrokken Nederlandse commando-troepen uitschakelen als bron van rauwdauwerij in een leger dat zoiets zich niet kan en wil veroorloven.

Àls het dus zo een aktie is (geweest) van de legertop, dan is het eerste strategische doel al bereikt!

*) Ik schreef gisteren al in "In Europa Zuhause":

Mir ist klar, dass die holländische Militärs, im Gegensatz zu ihrer
politischen Vorgesetzten, genug haben vom US-Terror
("Embedded" amerikanische
Offiziere bei holländischen Kommando-Einheiten in Afghanistan stacheln zu
Kriegsverbrechen an
), und das sie, wahrscheinlich, absichtlich das Skandal von
Gestern (Folter in Irak) bekanntgemacht haben
. Dies wird, früher oder später,
zum Abzug der Niederländern aus der südafghanischen Provinz Uruzgan führen.
Deshalb wird noch mehr Druck ausgeübt auf den Deutschen, um die Platz der
Holländer einzunehmen.

Hirsi Ali: Soumaya S. biedt hoop?

Steeds meer blijkt het American Enterprise Institute, de neoconservatieve denktank in Washington, voor Ajaan Hirsi Ali (Magan) een gouden kooi. De Gekooide Maagd blijft haar boodschappen uitzenden naar Europa. In de US wordt niets van haar vernomen.
Vermoedelijk is dat een afspraak met de directie van het AEI. Die kan namelijk maar moeilijk uit de voeten met haar radikale anti-godsdienst standpunt. De fundamentalistisch-protestantse stemmen uit het Amerikaanse Midden-Westen en -Zuiden zijn het voetvolk van de neocons. Die spelen in op de fundamentalistische vooroordelen, zonder die zelf te delen, om in Washington een macht te blijven. Hirsi Ali past daar niet in.

In september kwam er een groot interview in Oostenrijk. Nu is het een optreden in Nederland, voor de "Volkskrant Televisie": de Volkskrant - Binnenland - Hirsi Ali: Soumaya S. biedt hoop.

Begeleidende tekst:
"AMSTERDAM - Ayaan Hirsi Ali noemt Piranhaverdachte Soumaya S., tegen wie tien jaar gevangenisstraf is geëist, ‘de hoop voor de toekomst’ in de strijd tegen radicalisering. Door het ‘verraad van haar leermeester’, de Haagse imam Fawaz, zijn haar de ogen geopend."

A. Hirsi Ali, augustus 2006

Dit stelde Hirsi Ali vrijdagavond in een audioboodschap bij de presentatie van het boek Strijdsters van Allah. Hirsi Ali herkent veel van zichzelf in Soumaya. Ook zij is in de ban geweest van een radicale prediker als Fawaz. Ze zegt dat zelfstandig nadenkende Hofstadjongeren, niet bereid predikers als Fawaz zonder meer te volgen, naar de bron zelf gaan, naar de Koran.

Die jongeren ‘zien dat het er echt staat; dat gebruik van geweld is toegestaan om beledigers van de islam de mond te snoeren. Dat het bij jihad niet alleen gaat om innerlijke strijd om jezelf te verbeteren, maar ook om gewelddadige strijd’. Volgens Hirsi Ali brengen moslims die beweren dat islam slechts vrede betekent, dergelijke gewetensvolle jongeren alleen maar in verwarring.

Voor mensen als Wilders, zal deze boodschap uiterst verwarrend overkomen. Ze is echter helemaal in overeenstemming met de reactie, indertijd, van Ayaan op de veroordeling tot zware gevangenisstraf van leden van de Hofstadgroep in het eerste proces. Ze toonde zich toen erover teleurgesteld, dat niet de Islam zelf, maar onwetende, verwarde, kleine jongens zwaar werden gestraft voor hun opvattingen.

Ik heb haar boodschap van vandaag (alleen geluid, met begeleidende ANP-fotos), twee keer beluisterd.

De klemtonen en de verborgen referenties zijn belangrijk bij Ajaan. Maar oook nu weer, komt het neer op een projectie van haar eigen ervaring (zoals ze die nu ziet) op de werkelijkheid. Buiten die projectie, bestaat er voor haar geen waarheid.

Om Ajaan's Werdegang nog even samen te vatten:

  1. Gegrepen door fundamentalistische interpretatie van het geloof, wegens zoeken naar zingeving als jong meisje in Nairobi. (jaren '80)
  2. Afwijzing gearrangeerd huwelijk en dientengevolge uit de clan (der Hadod) uitgestoten. (begin -'90)
  3. Ziet zus ondergaan in tweestrijd over onverenigbaarheid geloof en westers leven. (1996)
  4. Ontmoet fundamentalistische antigodsdienstigen in Nederland (1998 e.v.)
  5. Denkt gebruik te kunnen maken van de anti-islam golf in Nederland, om machtspositie te veroveren, die haar opnieuw de toegang tot de clan zal openen. (2002)
  6. Blijkt te zijn gebruikt door populistische stroming in de VVD en wordt, na verleende diensten, bruut aan de kant gezet. (2006)
  7. Maar heeft intussen een niche gevonden in de USA, waar het AEI (vermoedelijk) denkt, haar te kunnen inzetten in de Somalische kwestie tegen de Islamitische Rechtbanken-beweging die vrijwel het hele land (buiten het Noorden) beheerst. Haar familielid is president van de machteloze voorlopige regering, die door Amerikanen en Ethiopiërs op de been wordt gehouden.
Wellicht verklaarbaar uit het bovenstaande, zit er een merkwaardige "twist" in Ajaan's denken. Die komt erop neer, dat een "zachte" overgang van traditioneel, vaak regionaal gekleurd, geloof (zoals dat bestaat in de agrarische dorps- en kleinsteedse gemeenschappen waar de moslim-immigranten in Nederland veelal uit afkomstig zijn) niet alleen ondenkbaar zou zijn, maar zelfs uiterst gevaarlijk - gevaarlijker dan de diskussie met overtuigde fundamentalisten.
Denk maar aan haar opmerkingen over jonge moslima's met naveltruitjes. "Uitkijken!", zei ze, "Jullie denken: 'Ha, een gematigde moslim', maar, o wee, dat worden zwaar gesluierde gehuwde vrouwen, die hun zonen opvoeden tot radikale terroristen!" Dat zit, volgens Ajaan, in de Islam ingebakken.
Daarmee zegt Ajaan datgene, wat de niet-islamitische Nederlandse (en buitenlandse) anti-islamisten niet mogen zeggen. Die moeten, wegens grondwettelijk verbod op discriminatie wegens geloof, het doen met veroordelingen van de islamitische "cultuur". En dat maakte dan ook haar bliksemcarrière in de conservatieve Nederlandse politiek mogelijk, toen die een middel zocht om de stemmen uit het Fortuyn-populisme aan zich te binden.

Ajaan's carrière is gebaseerd op een mix van slimmigheid en van obsessie. Over de slimheid hebben we het gehad. De obsessie is het verkrijgen van erkenning, dat haar, en alléén haar, weg vanuit de gevangenis van een fundamentalistische Islam, de enig juiste is.

De weg van niet-intellectuele Turkse vrouwen bij voorbeeld, die een leefbaar compromis vinden tussen traditionele waarden, de trotse secularistische traditie van hun land van herkomst, de eisen van een snel veranderende westerse maatschappij en hun eigen zelfrespect (en daarvan zijn tientallen voorbeelden), wordt door Ajaan strikt afgewezen. Om te "genezen", moet je "lijden" (Trouw, februari 2005). En, weer eens herhaald in het Volkskrant-praatje, daarbij hoort geen verzet tegen discriminatie en uitgrenzing door de meerderheid in de maatschappij. Want volgens Ajaan is die discriminatie en die marginalisering terecht. De moslims, bepaaldelijk de opppervlakkigen onder hen, vertegenwoordigen immers het KWAAD. Wie dat niet ziet of wil zien, is een bondgenoot van het kwaad. Daarom zijn multiculturalisten, antidiscriminatie-aktivisten en mensen van Vluchtelingenhulp zo verwerpelijk.

Het obsessieve denken van Hirsi Ali heeft niets van het radikaal sekularisme waarmee ze een tijdlang heeft geflirt. Het is gebaseerd op de overtuiging, dat pas door een volledige afdaling in de hel, via groot lijden de verlossing bereikt kan worden. Daarmee komt ze dicht bij de Shiiten, die verlossing nastreven via zelfkastijding, en bij vele stromingen in het Christendom, die het lijden van Christus tot voorbeeld nemen, of die, zoals de fundamentalistische gereformeerden, ervan uitgaan dat de mens bij voorbaat gedoemd is en geneigd tot alle kwaad.

Het merkwaardige daarbij is, dat ze Verlichting met Verlossing gelijkstelt. Je kunt niet eigener beweging verlicht worden, als je moslim, dus tot alle kwaad en geweld geneigd, bent, maar je moet door Lijden verlost worden. Door het Lijden wordt haar Verlichting exclusief, onbereikbaar voor "oppervlakkige meelopers" (citaat uit VK-boodschaptekst).

Daarom had ze niets met de half-moslimse broertjes uit Amersfoort en vond ze hun veroordeling tot zware straffen eigenlijk beledigend voor haar eigen strijd. Nu zegt ze dan ook (VK-tekst), dat "gebleken is, dat justitie geen vat heeft op het probleem". Fundamentalistisch terrorisme reduceren tot een randverschijnsel, verklaarbaar uit maatschappelijke spanningen en uit niet-islamitische tendenzen (zoals erkend grote analisten van de moderne jihad en terreur, zoals Roy, doen), is voor haar een doodzonde. Toch is ze slim genoeg, om een directe confrontatie met geleerden als Roy, systematisch uit de weg te gaan.

Nee, wat ze eigenlijk wil, is wat ze nu zegt over Soumaya S. Ze wil dat de staat in haar plaats een "hoogstaande" theologische discussie aangaat met haar en met haar ontwikkelde vrienden. Ze wil niet, dat deze mensen gevangen worden gezet (Pastors en Wilders begrijpen er niets van), maar, uitgaand van de idee-fixe dat de staat niet neutraal-, maar anti-godsdienstig zou zijn, hen incorperen in de gemeenschap, onder de belofte dat ze als moslims hun eigen geweten laten voorgaan boven voorschriften van Koran en Hadith. Want:

Het geweten van zelfstandig nadenkende jongeren zal eerder dan dat van ‘geïndoctrineerde meelopers’ gaan botsen met ‘de bevelen uit de Koran’, zegt ze. Daarom wil ze de strijd tegen radicalisering vooral uitvechten in de ‘ideologische arena’. Ze pleit voor een open debat. ‘Zonder taboes of kunstmatige scheiding tussen vreedzame en gewelddadige islam.’

Het doet denken aan het bijbelwoord, dat er in de hemel meer vreugde zal zijn over één bekeerde zondaar dan over honderd brave hendrikken (of woorden van gelijke strekking).

Maar eigenlijk, denk ik, gaat het haar erom, erkenning af te dwingen van de Hadod-clan en met behulp van de Amerikanen triomfantelijk terug te keren naar Somalië.

Related Posts with Thumbnails